kunst en publieke ruimte 

       
een representatief overzicht van kunst in de openbare ruimte in Nederland van 1970 tot heden | over deze site | hulp bij vinden

Located Text, Amsterdam

Over het gehele terrein van de Universiteit van Amsterdam zijn spreuken aangebracht op gevels in monumentale, grijze hardsteen. De grijze natuursteen voegt zich naar de muren van de verschillende gebouwen op het Binnengasthuisterrein. Hoog bovenin, om een hoek gevouwen, of midden op een voorgevel zijn teksten te lezen van vooraanstaande wetenschappers uit alle tijden, weergegeven in haut-reliëf. Ze vallen nauwelijks op, een lange tekst van Belle van Zuylen bij het ingangspoortje naar de Oudezijds Achterburgwal daargelaten. Het gekozen materiaal gaat naadloos op in de architectuur, de kleur grijs komt overeen met de gevelstenen. Door de plaatsen waar de spreuken zijn aangebracht, lijken het voetnoten bij het dagelijkse leven dat onder ze door trekt. Kosuth koos tien teksten van wetenschappers die verbonden zijn geweest aan de Universiteit van Amsterdam. Ook citeerde hij enkele teksten die hij van betekenis vond voor de verhouding van de universiteit met de stad, zoals het citaat afkomstig van Spinoza, die van 1632 tot 1661 in Amsterdam woonde. Uit de diverse teksten spreekt een waardering voor het verwerven van kennis, het denken en het doorgeven van kennis. Ze onderschrijven de functie van een universiteit.

De keuze voor een kunstenaar als Joseph Kosuth voor een werk om de identiteit van de universiteit vorm te geven, ligt voor de hand. De taal en het werk vallen in zijn projecten samen. Zo ontwikkelde Kosuth de serie 'Art as Idea as Idea' (1966-1967) waarbij hij begripsomschrijvingen uit het woordenboek op doek aanbracht; witte woorden op een zwarte achtergrond. Hij maakte gebruik van begrippen afkomstig van de semiotiek. Kosuth stelde teken (het woord om iets aan te duiden) gelijk aan het betekende (het aan te duiden begrip zelf). Het begrip stoel werd in Kosuth’s werk hetzelfde als het woord stoel. De idee was zijn kunst. Of, zoals hij in 1967 verklaarde: ‘All I make are models. The actual works of art are ideas. Rather than “ideals” the models are a visual approximation of a particular art object I have in mind.’ De keuze voor een kunstenaar die de idee als kunstwerk benoemt gaat in die zin een relatie aan met de universiteit als locatie, waar denken en ideeën een centrale rol spelen. (ML)

De uitspraken zijn afkomstig van: Caspar Barlaeus (1584-1648), Paul Scholten, (1875-1946), Jacques Presser (1899-1970), Kurt Baschwitz (1886-1968), Norbert Elias (1897-1990), Benedictus de Spinoza (1632-1677), Trudy van Asperen (1941-1993), Belle van Zuylen (1740-1805) en Tobias Michael Carel Asser (1838-1913).


foto: Véronique Hoedemakers


foto: Véronique Hoedemakers


foto: Véronique Hoedemakers

Kunstenaars: